Follow us on Twitter

Jan Nak: Hoge trapfrequentie, of niet?

Een van de meest controversiële onderwerpen de laatste jaren is de trapfrequentie.

 Nooit werd daar over gesproken, men trapte gewoon! Tot een zekere Lance Armstrong de Tour won in 1999 waarin hij trapfrequenties haalde die niet voor mogelijk werden gehouden. Uiteindelijk won Armstrong de Tour zeven keer dus heel slecht konden die hoge trapfrequenties niet zijn, toch?                                                                                                         

Fabian Cancellara                        

Na-aperij is ook in onze sport ingeburgerd dus werden door steeds meer renners hoge trapfrequenties geoefend. Nog een voorbeeld hiervan is Fabian Cancellara, ook hij trapt ruim boven de 100 tpm tijdens zijn fenomenale tijdritten. Aan de andere kant van het spectrum zie je wereld toppers die met moeite de 80 tpm halen en toch grote wedstrijden winnen, Sergei Gonchar was een extreem voorbeeld maar ook Tony Martin is een schoolvoorbeeld van de grote plaat.

Wetenschappers                                                                                                                                     

Leuk is dat de wetenschappers zich ook in deze materie elkaar tegenspreken. De ene groep zegt, hogere toerentallen is veel beter omdat je energie spaart voor in de finale, het beter is voor het lichaam, je minder snel vermoeid raakt en je afvalstoffen beter worden afgevoerd. Voorstanders van lagere toerentallen verschuilen zich achter studies zoals bijvoorbeeld van Ernst Albin Hansen, een wetenschapper en voormalig wielrenner. Die heeft 10 jaar lang bestudeerd wat het beste is; hoge of lage pedaal omwentelingen.

5 minuten tijdrit                                                                                                                                       

In een studie uit 2006 heeft hij 9 getrainde wielrenners een 2,5 uur lange duurtraining op 180W laten rijden gevolgd door een tijdrit van 5 minuten op maximaal vermogen. De 9 reden tweemaal de 5 minuten tijdrit, eenmaal op een vrij gekozen versnelling wat uitkwam op een gemiddelde van 95 tpm en eenmaal op een berekend toerental van 73.

Wees slim                                                                                                                                                  

Tot zijn verbazing was na afloop de maximale VO2 opname hoger bij het vrij gekozen toerental en was de krachtsinspanning (7-9%) hoger bij het vrij gekozen toerental als bij de opgelegde 73 tpm. Deze resultaten zouden dus een indicatie kunnen zijn dat niet iedereen voor hetzelfde verzet moet kiezen als Lance Armstrong. Misschien het beste advies: draai de versnelling waarbij het goed aanvoelt. Misschien wel slim om beide eens op trainingen uit te proberen.

Jan Nak                                                                                                                          

www.houseofcycling.nl

 
Banner